Artikelindex

Roeping

Bijna een ouderwets woord: roeping. Voor sommigen zal het associaties oproepen met de roeping, die priesterstudenten kennelijk voelden of hoorden.

Ze voelden zich door God geroepen. Maar zoals we weten is roeping een veel ruimer begrip. Er zijn veel mensen voor wie de verpleging, het leraarschap, kunst of techniek een roeping was, waar ze met overtuiging en toewijding gehoor aan gaven. Je hoort het tegenwoordig veel minder en op dit moment beginnen velen zich zorgen te maken over de vraag of er in de naaste toekomst nog wel voldoende mensen in de zorg of techniek werkzaam willen zijn. Er wordt dus wel een beroep op mensen gedaan. De woorden beroep en beroepskeuze zijn verwant met het woord roeping.

Jonge mensen die nu voor de beroepskeuze staan, beginnen denk ik vooral te zoeken bij zichzelf: Wat kan ik? en Wat wil ik? Onze maatschappij is immers gericht op zelfontplooiing. Vragen als: wat heeft de maatschappij nodig, welke idealen heb ik of wat zie ik als mijn opdracht of als mijn bijdrage spelen waarschijnlijk een minder prominente rol. Bovendien spelen (onder)waardering voor beroepen, beloning, status en aanzien tegenwoordig in belangrijke mate mee. Niemand kiest er voor een ‘loser’ te zijn. Deze zaken zijn kenmerken van

onze huidige maatschappij, waarvan wij zelf onderdeel zijn. Het is als het ware een spiegel. Het idealisme beperkt zich tot vrijwilligerswerk zo lijkt het. We willen voor bepaalde soorten werk niet meer behoorlijk betalen, maar we doen dan wel een beroep op vrijwilligers en moedigen vrijwilligerswerk aan. Welke opvattingen schuilen daarachter? Ik kan alleen maar concluderen dat er iets niet helemaal lijkt te kloppen. Maar het feit dat er zoveel vrijwilligers actief zijn is tegelijkertijd een hoopvol teken.

Roeping? De vraag "Waarom voelen mensen zich niet meer geroepen tot….?" lijkt misschien wat ouderwets maar stemt wel tot nadenken.

Het is een menselijke behoefte om van betekenis te zijn. Daar twijfelt niemand aan . Maar welke betekenis is moeite waard, om na te streven. Gaat het alleen om de streling van het ego via aanzien, rijkdom, macht of bewondering of gaat het om de betekenis voor de ander?

JvdB