RUST, DUUR, ZIN EN SAMENHANG

Op zondag 9 oktober zongen we de volgende strofe uit een lied van W. Barnard:

Hij gaat u voor in wolk en vuur,

Gunt aan uw leven rust en duur

En geeft het zin en samenhang.

Zingt voor de Heer een nieuw gezang!

Je kunt deze tekst van dit lied misschien erg hoogdravend of theatraal vinden maar deze strofe biedt een prachtig vergezicht op een gelukkig leven. Op dit soort teksten is niet voor niets zoveel prachtige muziek geschreven.

Hier spreekt een geloof. Als geloof dit kan bieden, heb je in feite alles wat je maar kunt verlangen. Rust, duur, zin en samenhang, bouwstenen voor geluk. Wie zoekt het niet?

Tegenwoordig zeggen velen dat ze niet geloven. Toch hebben mensen wel behoefte aan “rust, duur, zingeving en samenhang”. Het zoeken ernaar is op zich al zinvol en dient om houvast in je leven te vinden. En over welk houvast je het ook hebt, het staat of valt met de stevigheid van je overtuiging, je vertrouwen, geloof of ideaal. Dat blijkt vooral wanneer het houvast op de proef gesteld wordt. Als het niet meezit, of als je te maken krijgt met ziekte of verlies. Hoewel we weten dat het bij het leven hoort, houden we er vaak geen rekening mee. We moeten kennelijk vooral van ervaring leren. 


Misschien hoort het bij deze tijd dat we het moeilijk vinden om erover te spreken met elkaar. Is het omdat we het niet onder woorden kunnen brengen? Of durven we dat niet omdat we ons schamen voor ons eigen geloof of onze overtuiging. Naar mijn mening heeft elk mens behoefte aan houvast. Een partner, kinderen, vrienden of soms goede bekenden bieden een ‘sociaal houvast’ en vaak meer. En misschien is dat ‘meer’ iets wat we zouden moeten koesteren en ontwikkelen. In elk geval door het bespreekbaar te maken. We zijn allemaal ervaringsdeskundigen en kunnen van elkaar iets over onszelf leren. Volgens mij ligt hier een geweldige pastorale uitdaging.

Ik bedoel in dit verband dus niet dat we veel discussies moeten gaan voeren over politiek of maatschappelijke problemen. Dat gebeurt waarschijnlijk al vaak genoeg en over de manier waarop zullen we het maar niet hebben.

Overigens denk ik dat er ook sprake is van een ‘luxeprobleem’. In tegenstelling tot veel andere mensen in de wereld hoeven we ons in Nederland niet druk te maken over acute problemen met de eerste levensbehoeften als eten en drinken, onderdak en veiligheid. Dat is mooi maar het leidt bij ons misschien wel tot gemakzucht en zorgeloosheid, vormen van ondankbaar en verwend gedrag. Hoe kan het anders dat bijvoorbeeld de zorg voor het milieu niet hoger op de agenda komt te staan nu het economisch nog beter gaat.

We mogen voor heel veel dankbaar zijn maar laten we elkaar ook ‘wakker’ houden en onze verantwoordelijkheid nemen.

JvdB