“Afgesproken Herman ! T.V. de Valuwe komt voor opname van onze mooie kerk en de Gildebroeders. Gerda is koster. Ja, ik zal er ook eerder zijn”.

Zaterdagavond 17 juni : Gildemis.
Bij het uitkloppen van de mat van het portaal kwam Rola er aan . Ik veronderstelde dat zij de middag had doorgebracht bij het Gilde bij het Koningschieten ; vandaar dus haar vroege komst.
Piet Vermeulen van T.V. de Valuwe bewonderde even later onze glas in loodramen. Zijn plek was gauw gevonden en ik kon dus rustig achter de gereserveerde banken plaats nemen na een praatje gemaakt te hebben met Jos de Valk, onze vroegere dorpsgenoot en gedurende vele jaren trouwe koster, waarvoor hij een pauselijke onderscheiding had gekregen.

Volgens Trees van den Broek moest ik toch in de tweede, gereserveerde bank plaats nemen. “Nee, Trees “. “Ja, Mien “. “Nee, Trees “. Enz. enz. Nou, vooruit dan maar....
Ik hoorde ondertussen wat geroezemoes en zag tot mijn verbazing dat mensen van de liturgiegroep uit Beers, vroegere Lindense kerkgangers, kerkbestuursleden uit Cuijk en Lindenaren hadden plaatsgenomen. Een mooie volle kerk !

En daar had je zowaar mijn broer en zus. “Goede avond, goede avond “.
“Oh, jullie komen bij mij koffiedrinken. Jullie dachten : Mien is naar de Gildemis. Wij gaan ook ; hoeven we morgen niet in Wijchen “.
Even later arriveerde onze voorganger, Pastoor Theo Lamers. “Goede avond Theo “.
Zo, Theo, vanavond is het volle bak.

In de verte hoorde ik het tromgeroffel van het Gilde en ik meende daartussen de stem van mijn kleindochter te horen.
Wat krijgen we nou? Inderdaad, manlief, kinderen en kleinkinderen gingen bij me zitten : gereserveerd.

Ze hebben iets met me voor ; er gebeurt iets met me. Maar mijn God, wat moet dat zijn ? Theo had een mooi aansluitingspunt. Vandaag op Sacramentsdag vieren we het sacrament van de Eucharistie. We vieren het samen delen van het brood. In Linden wordt op de derde zondag na de viering ook het samenzijn nog gevierd met de cake van Mien.

Later in de viering, o.a. in zijn overweging kwamen er nog meer werkzaamheden langs met als blijk van waardering en bekroning aan het einde het opspelden van de medaille van de Pauselijke Onderscheiding “Pro Ecclesia et Pontifice”.
Ik begreep nu de aanwezigheid van de leden van het kerkbestuur : op aanvraag van de leden van onze contactgroep hadden zij zich ingespannen voor de onderscheiding.
Ik was volkomen uit het lood geslagen.

Onder begeleiding van het Gilde gingen we allemaal naar de Burcht. Daar wachtte mij een feestelijke serenade van de Slagwerkgroep en Gans der Neve.
Tijdens de receptie werden mijn verdiensten nog een keer geroemd in een prachtig stuk cabaret. Ik werd de hemel in geprezen, gelukkig samen met Fons, maar dat wil ik nog even uitgesteld zien.

Voor alle felicitaties en cadeaus : hartelijk dank ! De afdruk van het glas-in-lood raam boven het priesterkoor hangt in de huiskamer.

Mien Heijnen